Internet

Wat is INTERNET van Éric Baudelaire?

INTERNET is een kunstwerk van Éric Baudelaire uit 2018, dat deel uitmaakt van de collectie van het Bonnefanten. Het stuk bestaat uit een schoolbord waarop, in helder wit krijt, een complexe maar uiterst precieze definitie van het internet is uitgeschreven. Geen afbeelding, geen interface, geen scherm: alleen taal. Daarmee verschuift Baudelaire de aandacht van technologie naar betekenis, van gebruik naar begrip.

Door het internet te vangen in één lange, juridisch aandoende zin, ontmantelt de kunstenaar de ogenschijnlijke eenvoud van iets wat we dagelijks gedachteloos gebruiken. INTERNET laat zien dat achter elk klik, elke zoekopdracht en elke post een ingewikkeld netwerk van afspraken, protocollen, eigendomsrelaties en politieke belangen schuilgaat.

Een encyclopedische definitie op een schoolbord

Het gekozen medium – een klassiek, groen schoolbord – is allesbehalve toevallig. Waar we kennis vandaag meestal via schermen tot ons nemen, grijpt Baudelaire terug op een analoog symbool van onderwijs en collectief leren. De lange definitie in krijt lijkt op een passage uit een wetboek of een technisch handboek. Daardoor roept het werk de vraag op: wie heeft eigenlijk de macht om het internet te definiëren? Juristen? Ingenieurs? Overheden? Grote technologiebedrijven?

De kijker wordt uitgenodigd om stap voor stap te lezen, zinnen terug te spoelen in het hoofd en verbanden te leggen. Dat vertraagde lezen staat haaks op de flitsende snelheid waarmee we doorgaans online informatie tot ons nemen. INTERNET is zo een oefening in mentale weerstand tegen de oppervlakkigheid van de scrollcultuur.

Internet als infrastructuur, geen wolk

In het dagelijks taalgebruik praten we vaak over "de cloud", alsof data gewichtloos zweven in een abstracte ruimte. De definitie op Baudelaire’s schoolbord doorprikt dat misleidende beeld. Het internet verschijnt hier als een zeer materiële infrastructuur: kabels onder de oceaan, datacenters, routers, servers, elektriciteit, koeling, grondstoffen voor hardware en de arbeid van miljoenen mensen.

Door dat allemaal in taal te vangen, benadrukt het werk dat iedere online handeling – hoe immaterieel ook – een fysieke voetafdruk heeft. Van energieverbruik tot e-waste, van grondrechten tot arbeidsomstandigheden: INTERNET maakt duidelijk dat het netwerk waarin we leven niet losstaat van de echte wereld, maar er juist diep in verankerd is.

De rol van macht, politiek en economie

Baudelaire staat bekend om zijn aandacht voor geopolitiek, media en representatie. In INTERNET is dat zichtbaar in de manier waarop de definitie niet alleen technische, maar ook juridische en economische dimensies van het internet benoemt. Het netwerk wordt voorgesteld als een ruimte waarin overheden, bedrijven en gebruikers permanent met elkaar in onderhandeling zijn.

Vragen rond toezicht, privacy, intellectueel eigendom en censuur klinken door in de formuleringen. INTERNET legt zo bloot dat het wereldwijde web geen neutraal veld is, maar een strijdtoneel waar belangen botsen en waar macht zich steeds opnieuw organiseert via protocollen, eigenaarschap en toegang.

Kijken, lezen en meedenken: de bezoeker als deelnemer

Waar veel digitale kunstspectakels de toeschouwer overspoelen met beweging en kleur, vraagt INTERNET iets anders: concentratie. Het werk activeert de bezoeker niet via interactieve schermen, maar via taal en reflectie. De toeschouwer wordt zo geen passieve consument van informatie, maar een lezer die zelf verbanden legt.

Die actieve leeservaring sluit aan bij de manier waarop we ons online door informatiestromen bewegen, maar dan vertraagd en verdicht. Door internet tot onderwerp van observatie te maken, en niet alleen tot medium van consumptie, zet het werk aan tot zelfonderzoek: wat betekent het voor mijn leven dat ik permanent verbonden ben? Wie leest mee? Wie bewaart mijn gegevens? En wie kan er aan de knoppen draaien, zonder dat ik het merk?

Internet en het museum: analoog denken over digitale netwerken

Dat INTERNET in een museumcontext wordt gepresenteerd, creëert een intrigerende spanning. Het museum is traditioneel een plek van fysieke objecten, stille zalen en geconcentreerde aandacht. Het internet daarentegen staat voor voortdurende connectiviteit, versnelling en verstrooiing. Door die twee werelden samen te brengen, toont het werk dat kunst een belangrijk tegengewicht kan vormen in een digitale cultuur waarin alles meetbaar, deelbaar en optimaliseerbaar lijkt.

INTERNET herinnert eraan dat we onze digitale omgeving ook cultureel en filosofisch kunnen benaderen. Niet alleen als gebruiker of klant, maar als burger, lezer en denker. Het schoolbord in de museumzaal wordt daarmee een soort trainingsveld voor kritisch digitaal bewustzijn.

Het internet als gedeelde verbeeldingsruimte

Naast infrastructuur, economie en politiek is het internet ook een enorme verbeeldingsruimte, waar identiteiten worden gevormd en verhalen worden gedeeld. Hoewel INTERNET vooral via taal en definities werkt, resoneert er op de achtergrond een vraag mee: welke verhalen laten we toe in het netwerk, en welke verdwijnen in de ruis?

Baudelaire laat zien dat definities nooit neutraal zijn. Hoe we het internet beschrijven, bepaalt mede wat we ermee kunnen en mogen. Kunst kan in dat proces fungeren als een plek waar alternatieve beschrijvingen, andere perspectieven en kritische vragen een podium krijgen – nog voordat ze worden weggeduwd door algoritmes of commerciële belangen.

Van gebruiker naar mede‑vormgever

Door de complexiteit van het internet te ontrafelen, verplaatst INTERNET de bezoeker symbolisch van de positie van gebruiker naar die van mede‑vormgever. Wie begrijpt welke lagen en regels er onder de interface schuilgaan, kan zich anders verhouden tot digitale technologie. Niet alleen consumeren, maar ook eisen, bevragen en – waar mogelijk – zelf bouwen of alternatieven zoeken.

Het werk is daarmee ook een uitnodiging aan ontwerpers, programmeurs, beleidsmakers en kunstenaars om het internet niet als een vaststaand gegeven te zien, maar als een veranderlijke culturele ruimte. Een ruimte die voortdurend opnieuw wordt gedefinieerd, herschreven en – zoals op het schoolbord – uitgewist en weer ingevuld kan worden.

Een bezoek aan een tentoonstelling waarin een werk als INTERNET centraal staat, krijgt nog meer gelaagdheid wanneer je het verbindt met je verblijf in de stad. Terug in je hotel, tussen coworking-lounge, wifi-netwerk en streamingdiensten op de kamer, wordt al snel zichtbaar hoe het digitale weefsel waar Baudelaire naar verwijst, letterlijk door je verblijfservaring heen loopt. Het contrast tussen de bedachtzame leessnelheid in de museumzaal en de haast automatische online handelingen in de hotellobby – inchecken via apps, foto’s uploaden, routes plannen – maakt voelbaar hoe alledaags én onzichtbaar dat netwerk is geworden. Zo wordt een overnachting niet alleen een praktische tussenstop, maar ook een kans om, geïnspireerd door het museum, bewuster te kijken naar de digitale infrastructuur die zowel onze reizen als ons dagelijks leven bepaalt.